Vettaville.nl
Line 6.com Bose L1 Model II info Strymon SV Pre for Spider Valve amps POD X3 series
email
vvnllogosml



1. Een pickup?
Er zijn van die termen in het leven die verwarring zaaien. Tot de introductie van de cd-spelers halverwege de 1980’s noemden we in Nederland de ouderwetse spelers voor grammofoonplaten immers 'pickups'. In Engeland en Amerika is dat de benaming voor elementen. Een logische benaming ook, want een element pakt het signaal op (pick up) en brengt dit over naar de versterker, eigenlijk net als een microfoon dus. Soms wordt ook de aanduiding transducer (overbrenger) gebruikt.

2. Wie deed voor het eerst een element op de gitaar?

De voorloper op dit gebied was de Amerikaan George Beauchamp, baas van National, bouwer van resonator gitaren. Hij sloopte eind 1920's zijn wasmachine, haalde het koperdraad en de magneten eruit en fabriceerde aldus zijn eerste prototype van een gitaarelement. Uiteindelijk leidden zijn experimenten tot een hoefijzer-vormige element. Dat vond in een uitgewerkte vorm zijn toepassing op Hawaïaanse gitaren, zogenaamde lapsteels, die je op je schoot legde als je ze bespeelde en die de vorm hadden van een koekenpan met een lange steel. In vakjargon gaat deze, met bouwer Adolph Rickenbacker ontwikkelde gitaar door het leven onder de koosnaam Frying Pan. De modellen die erop zijn gebaseerd werden nog verkocht ook.

3. Hoe ging het hierna verder?
Na de Frying Pan namen Gibson en zijn grote concurrent Epiphone, nu eigendom van Gibson trouwens, het heft in handen bij de elektrificering van de gitaar. In 1935 hadden ze in hun assortiment beiden een met elementen uitgeruste hollowbody, waarvan de Gibson ES-150, verkocht compleet met versterker, de bekendste is. De ES-150 was voorzien van een element dat door Walt Fuller werd ontwikkeld in opdracht van jazzgitarist Charlie Christian, naar wie de pickup dan ook werd vernoemd. Fuller ontwikkelde ook de opvolger van de Christian Pickup, het legendarische P-90 enkelspoels element, ontwikkeld medio de 1940’s en na 1951 de standaard op alle elektrische gitaren van Gibson. Dat bleef zo tot de introductie van Gibsons humbuckers in 1957. De eerste Gibson Les Pauls (1952) waren uitgerust met twee P-90’s.

4. Wie zijn Walt Fuller en Seth Lover?
Walt Fuller was gedurende de pioniersjaren van de elektrische gitaren met een holle klankkast een belangrijke technicus bij Gibson. Hij was dus, zoals je hiervoor kon lezen, de geestelijk vader van de Christian Pickup en de beroemde P-90. Na 1957 paste Gibson de van één spoel voorziene P-90 nog mondjesmaat toe op zijn gitaren. Rond het midden van de 1970’s verdween het element van Fuller even helemaal uit beeld. Seth Lover, door Fuller in 1941 bij Gibson binnengehaald, werd de nieuwe Gibson Goeroe. Lover ontwikkelde vijftien jaar daarna een element met twee spoelen, maar streefde er hierbij naar de sound van de P-90 zo weinig mogelijk geweld aan te doen, hetgeen leidde tot de doublecoils humbucker P-100. Lover was van oorsprong, net als veel elektrische gitaar pioniers, radiotechnicus. Tot twee keer toe verliet hij Gibson, onder meer omdat hij bij de marine meer kon verdienen, maar in 1952 kwam hij opnieuw in dienst en bleef hij tot 1967. In 1954 bouwde hij een versterker, de Model-90, die hij voorzag van twee tegen elkaar gerichte magnetische circuits om de amps minder gevoelig te maken voor ruis en rondzingen. Dat principe paste Lover korte tijd later toe op het P-90 element, de dubbelspoels humbucker was dus geboren, het was 1955.

5. Fender in z’n element
Gibson en ook Epiphone mogen dan een belangrijke rol hebben gespeeld bij de elektrische versterking van gitaren met holle klankkasten, de pioniersrol op het gebied van massieve gitaren was weggelegd voor Leo Fender. Ook Fender maakte, net als Beauchamps en Rickenbacker, eerst lapsteels, voorzien van een eigen enkelspoels element (singecoil). In de 1940’s was dat, maar dit element is, met de Gibsons dubbelspoelse humbuckers, eigenlijk nog altijd de standaard. Op basgebied zette Fender in elementair opzicht eigelijk helemaal alleen de toon. Zijn beroemdste elementen zijn de pickups die hij toepaste op de Precision Bass en op zijn Jazz Bass. Deze Precision en Jazz elementen vormden voor veel andere makers van baselementen de basis voor hun ontwerp.

6. Singlecoils en doublecoils
Single coils zijn, de naam zegt het al op z’n Engels, elementen met een enkele spoel. Ze geven in het algemeen meer hoge tonen af dan 'dubbelspoelers, zoals Gibsons humbuckers. Daarvoor is een heel voor de hand liggende verklaring. Singlecoils bevatten minder koperdraad dan doublecoils. Lage tonen bestaan uit langgerekte geluidsgolven, hoge tonen zien er schematisch voorgesteld uit als korte golfjes met hoge piekjes en diepe dalen. Je kunt dus in het algemeen stellen: hoe meer koperdraad er gewonden is, des te meer ruimte is er om langgerekte geluidsgolven voort te brengen en dus heb je dan meer lage tonen en tonen in het middengebied. Het verschil hoor je goed als je met de twee populairste gitaarmodellen de proef op de som neemt, Gibsons Les Paul en Fenders Strat. De Strat is uitgerust met drie enkelspoels elementen en klinkt door het vele hoog fel, de Les Paul heeft twee dubbelspoelers en heeft daarom een warmere sound met meer lage tonen. Overigens heeft dat niet alleen te maken met het element, maar ook met het feit dat de Les Paul body’s meer massa hebben dan de Strats.

7. Hoe zit het met actieve elementen?
Het verhaal van de actieve elementen begint in 1976 bij Rob Turner in Los Angeles en bij zijn bedrijf EMG. Turner is de geestelijk vader van actieve elementen, dubbelspoels pickups die voorzien zijn van een voorversterker die zijn werk doet op batterijen. Door het element actief te maken, kampt de gitarist nog minder dan bij Gibsons humbucker met geruis, gekraak en gebrom. Maar er is nog een voordeel van actief ten opzichte van passief. Je gitaar heeft door passieve elementen een lagere zogenaamde uitgang impedantie. Je gitaar stoot dus als het ware minder kracht uit, hetgeen minder belastend is voor een versterker of mengtafel waarop je hem aansluit.

8. Is de plek van een element belangrijk?
Jazeker, je kunt zelf de proef op de som nemen als je wilt, want veel gitaren bieden je de mogelijkheid te switchen tussen de verschillende elementen. In het algemeen kun je zeggen dat het brugelement, dat het dichtst bij de staart van de body zit dus, een meer bijtend, helder geluid geeft, terwijl het halselement een wat warmere sound teweeg brengt. Is je gitaar voorzien van een derde dat tussen deze twee is gemonteerd, dan geeft dit zogenaamde middenelement een geluid af dat ergens tussen dat van het brug- en halselement ligt. Maar er is meer te zeggen over elementen en de sound die ze voortbrengen. Zo zullen elementen die met flinterdun koperdraad gewonden zijn en/of voorzien zijn van krachtige elementen een meer distortion achtig geluid tot gevolg hebben. Dit is het gevolg van de grote weerstand die het signaal op weg naar de versterking ondervindt.

9. Wat zit waar op?
Vroeger maakten vrijwel alle gitaarbouwers hun eigen pickups. Tegenwoordig betrekken de meeste bouwers hun elementen van specialisten. Fender is met Gibson één van de weinige grote gitaarbouwers die nog overwegend hun eigen elementen toepassen op hun modellen. Fenders meest verkochte gitaartypes zijn uitgerust met elementen waarin het model is vernoemd. Het gaat hierbij dus respectievelijk om de Fender-elementen Standard Strat en Standard Tele. Daarnaast past Fender elementen toe als de Vintage Tele, maar ook de Texas Special Strat en de Texas Special Tele, beide duurdere elementen die hun toepassing vooral vinden in signature-modellen en customs. Veel gebruikte Fender-elementen zijn voorts de Lace Senor-serie, de types Gold, Red en Blue. Ook Gibson gebruikt dus nog overwegend zijn eigen elementen. Helemaal terug van een beetje weggeweest is de beroemde P-90 pickup. Modellen als de ES-295, de Les Paul Junior, de ES-5 en de 54 Les Paul Standard zijn ermee uitgerust. De elektrische gitaren van Ibanez hebben vaak elementen van Di Marzio. Het gaat hierbij met name om Di Marzio’s Air Norton (ingebouwd bij de hals van Ibanez JPM’s en toegepast in de RG-serie), het Evolution element (JEM-serie), de Di Marzio Fred (als brugelement in de Ibanez JS-gitaren), de Tone Zone en de Dual Sound. Veel van de gitaren van ESP hebben EMG-81 elementen. ESP neemt daarnaast ook elementen af van Seymour Duncan. Zo heeft het ESP Vintage Plus model Duncans Vintage 54 Tele Lead en Vintage Rail elementen. Maar ook de SH-4 en de SSM-1 van Seymour Duncan zijn te vinden in ESP-gitaren.

10. Elementen en het kopen van een gitaar
Een hogere prijs betekent meestal een betere kwaliteit. Dat geldt voor bijna alles in het leven, dus ook voor elementen. Je moet nooit over één nacht ijs gaan als je een gitaar koopt en altijd goed luisteren, goed kijken en goed voelen voordat je een keuze maakt. Als je geen ervaren gitarist bent, is zeker aan te raden om eerst eens te luisteren naar het verschil tussen een gehumbuckte Les Paul en een enkelspoelse Strat. Dan heb je in elk geval een oriëntatiepunt van de twee uitersten. Bij de aankoop van een gitaar is een goed element zonder meer belangrijk. Houd hierbij de volgende vuistregel in je hoofd: 'Een goed element versterkt de zwakke kanten van de rest van de gitaar, maar een op zich goed gebouwde gitaar kan verpest kan worden door een element van inferieure kwaliteit.' Veel gitaar fabrikanten beseffen zich dit terdege en daarom zijn de meest gangbare gitaren tegenwoordig uitgerust met elementen die gemaakt zijn door de belangrijkste pickup fabrikanten in de wereld zoals EMG, Seymour Duncan, Di Marzio en nog een handjevol anderen.

11. Goedkoop, duurkoop
Qua naam en faam zijn EMG, Seymour Duncan en Di Marzio de grote drie. Hun prijzen ontlopen elkaar niet zo gek veel, hoewel EMG natuurlijk enkele uitschieters naar boven kent vanwege het actieve karakter van de elementen. Mocht je van plan zijn ooit een ander element op je gitaar te zetten, dan moet je beseffen dat EMG enkel actieve elementen in de losse verkoop heeft. Passieve pickups maakt EMG enkel voor gitaarfabrikanten. Dan de andere merken. Aan de bovenkant van het prijsgebouw zitten de elementen van merken als Joe Barden, Gibson, Bartolini en Tom Anderson. Op een gemiddeld prijsniveau bewegen zich Adder, Dean Markley, Di Marzio, EMG's passieve elementen, Fender, Razor en Rio Grande. Relatief goedkoop zijn Carvin, Chandler, Shadow (ook van Gibson) en Kent Armstrong.

12. Elementaire trends
Afgezien van verregaande digitalisering, is retro, terug in de tijd, dè trend in de muziekindustrie van vandaag. Elementenmakers omarmen deze hype gretig. Fenders Relic Series en Seymour Duncans Antiquity Series (handmatige gewikkelde elementen) zijn twee mooie voorbeelden van de Retro Trend. Door zulke vintage pickups te promoten doen de fabrikanten het min of meer voorkomen alsof je uit elke elektrische gitaar een vette vintage sound tevoorschijn kan toveren. Dat is natuurlijk niet zo, want er zijn meer zaken van invloed op je gitaargeluid dan de pickup alleen. Nieuwe oude elementen komen het beste tot zijn recht als ze daadwerkelijk gemonteerd worden op een gitaren die ook vintage of retro zijn.

13. Een elementaire site

We hebben het wereldwijde web uitputtend afgespeurd. Wat ons betreft kwam een particuliere Australische site als beste uit de bus. Hier komt het wat ingewikkelde adres: http://users.chariot.net.au/~gmarts/pickups.htm.

------

Bronvermelding: Indien je uit deze tijdbalk citeert, www.music-maker.nl als bron vermelden. Samenstelling: XF Media BV in opdracht van Music Maker. Contentrechten: XF Media BV

 

*Line 6®, Line 6 Inc., AX2, AxSys, BackTrack, BackTrack+Mic, Bass Floor POD®, Bass POD®, Bass POD® xt, Bass POD® xt Pro, Bass POD® xt Live, Constrictor™, Crunchtone™, Customtone, Duoverb, DL4™, DM4™, Echo Park™, Eight Ball, Filter Pro™, Flextone™, Floorboard, Floor POD®, Floor POD® Plus, FBV Express™, GearBox™, GearBox™ Plug-In, Guitarport™, GuitarPort® RiffTracker™, GuitarPort® xt, FM4™, HD147®, Jamware, JM4 Looper, LowDown, Liqua Flange™, M13, MM4™, MOD Pro, POD®, Pocket POD®, Pocket POD® Express, POD® FARM, POD® Studio, POD® xt, POD®xt Pro, POD® xt Live, POD® X3, POD® X3 Pro, POD® X3 Live, Rifftracker™, Roto Machine™, Space Chorus™, Spider, Spider-Jam™, Spider-Valve™, ToneCore™, TonePort™, TubeTone, Ubermetal™, GX, UX1, UX2, UX8, Verbzilla™, Vetta, Variax®, Variax® Acoustic, Variax® Workbench™ and Line 6 logos are trademarks of Line 6,

Inc. RiffWorks, InstantDrummer™, Riffcaster, Rifflink and Sonoma Wire Works™ are trademarks of Sonoma Wire Works™.

Atomic, Atomic Amps, LLC, Atomic Reactor 112, Atomic Reactor 112-50 and Atomic Reactor 212 are trademarks of Atomic Amps.

Bose® and Bose® Personalized Amplification System™ are registered trademarks of Bose. T1 Tonematch, L1, All rights reserved.

Vinny appears exclusively for Vettaville.nl with courtesy of Vettaville Records Inc.
Channel 6 Web TV is preserved for Vettaville.nl

All other product names used on this website are trademarks of their respective owners, which are in no way associated or affiliated with Vettaville.nl or Vettaville.net. These trademarks of other manufacturers are used solely to identify the products of those manufacturers to identify a certain tone or sound.

Entire contents Copyright © 2003-2008 Vettaville.nl. All Rights Reserved.
Publisher does not accept liability for incorrect spelling, printing errors (including prices), incorrect manufacturer's specifications or changes, or grammatical inaccuracies in any product included in Vettaville.nl or Vettaville.net website(s). Prices subject to change without notice.

Copyright © Vettaville.nl 2003-2008, All rights reserved.